Beton Spuiten

Het beton komt gemengd op de bouwplaats aan of wordt ter plekke gemengd. Het mengsel wordt door een betonpomp geleid, die het beton door slangen perst naar de plek waar het verspoten gaat worden. Aan de kop van de laatste slang zit de spuitkop, waarmee de beton gericht kan worden verspoten.

Het Beton en de Ballon
Het beton verlaat de spuitkop en komt met een snelheid op de ballon af. Als eerste vormt zich op de ballon een laagje van zand, cement en water. De eerste grindkorrels ketsen van de ballon af. Dit heet ‘rebound’. Het laagje zand, cement en water vormt de bedding, waarin de grindkorrels blijven plakken en zorgt tevens voor een gladde afwerking van het beton. De betonschil wordt in lagen gespoten. Deze lagen worden aan alle zijden van de ballon gelijkmatig opgebouwd. Het spuiten duurt ongeveer twee dagen afhankelijk van het project. Het uitharden van het beton duurt nog eens twee dagen. Daarna wordt de ballon verwijderd.

Spuitbeton
Spuitbeton is anders, dan beton die gestort wordt. Een van de grootste verschillen is de grootte van de grindkorrels. Deze zijn bij spuitbeton 4-8 mm groot in plaats van 8-12 mm. Dit heeft te maken met de spuitkop, waarmee de beton verspoten wordt. Aan de spuitbeton kunnen eventueel stoffen worden toegevoegd. Voorbeelden hiervan zijn versnellers en vertragers. Dit zijn stoffen, die de snelheid van de uitharding van de beton beïnvloeden. We streven ernaar zo weinig mogelijk stoffen aan de beton toe te voegen.

Wapening
Alleen op de plek, waar de betonschil de fundering raakt en daar waar vloeren aan de schil worden opgehangen, wordt stalen wapening toegepast. Als het nodig is kan er aan de beton een vezel wapening worden toegevoegd.